Nepeta

een volledig verzonnen verhaaltje, maar het zou zomaar eens écht kunnen gebeuren

We stonden helemaal vooraan zodat we de gids goed konden horen. Het deed me plezier dat m’n vriendin had toegezegd. Het was namelijk al een hele poos geleden dat we elkaar nog in levende lijve hadden gezien en nu het coronavirus zich even te slapen had gelegd, konden we eindelijk onze schade inhalen. Ik kon me niet meer herinneren wanneer ik voor het laatst had deelgenomen aan een natuurwandeling: het vooruitzicht om m’n nek anderhalf uur te overstrekken tot op de rand van een hernia om toch maar flarden te kunnen opvangen van het encyclopedisch praatje, sprak me echter niet aan. Maar vandaag was ik een assertieve vrouw. Vandaag stond ik samen met m’n vriendin op de eerste rij aandachtig te luisteren naar de brave, ietwat onverzorgde man van middelbare leeftijd die voor ons stond.

“Wie herkent deze populaire plant?” Enthousiast strekte hij z’n rechterarm uit zo hoog hij maar kon, met in z’n hand een stukje van een nepeta. Hij lachte z’n tanden bloot. Ik herkende ze meteen – de plant, niet de tanden. Onze tuin stond er vol van, met die recht opstijgende stengels en hun overdaad aan paarsblauwe bloemetjes, wekenlang druk bevlogen door bijen en vlinders, en hun zaden die zich gulzig verspreidden en te pas en te onpas tot nieuwe zaailingen ontkiemden. Het was een van m’n favorieten. Het groepje dames dat achter ons stond, met hun fraaie kapsels en fleurige zomerhoedjes, kwetterde onverstoorbaar verder. Twee mannen waren druk bezig met de bespreking van de avondbarbecue die ze volgende week zouden organiseren voor de buurt. Enkele kinderen joelden en gooiden met stokken naar elkaar. Een uitgelaten viervoeter sprong op de broek van één van de zomerhoedjes en liet z’n voorpoten speels naar beneden glijden. De vrouw gilde het uit en keek laatdunkend naar de schuchtere jongeman naast haar die meteen rood aanliep en z’n hond naar zich toe trok. “Hou je hond bij je, asjeblief!” Er volgde een verontwaardigd gemompel van de andere hoedjes. Eén hoedje bood prompt haar dure, geborduurde zakdoek aan – een echte vriendin was dat – om de lange, bruine vegen (tevergeefs) weg te deppen.

De onachtzaamheid van de groep kon de gids echter niet deren en de geestdrift (en werkelijk indrukwekkende plantenkennis) waarmee hij z’n volkje op z’n hand probeerde te krijgen, was zo kinderlijk aandoenlijk dat ik meende dat hij vast nooit de tijd had gehad om zich te binden. Neen, deze man was vast nog bij z’n moeder te vinden, terwijl hij dag en nacht het dag- en nachtleven van planten bestudeerde, dat was zo zeker als een nepeta.

Onverstoorbaar wendde hij zich tot ons, wij, die daar nog steeds helemaal vooraan stonden, wij, de voorbeeldige en aandachtige leerlingen. “Lieve dames,” sprak hij, en hij kwam wat dichterbij staan terwijl een weeë lucht van geconsumeerde tabak zijn lieflijke woordjes vergezelde. “Als jullie me kunnen zeggen welke plant dit is, dan krijgen jullie een kus van me!” Hij giechelde als een ondeugend kleutermeisje weer al z’n tanden bloot die, zo kon ik nu tot mijn ontzetting vaststellen, innig verbonden waren door een langgerekte brug van dik, gelig tandsteen.

“Klaproos!” flapte ik eruit (het was sterker dan mezelf). Hij liet z’n arm weer zakken. Treurig vervolgde hij z’n pad.

M’n vriendin en ik lieten de groep wijselijk voorgaan. Af en toe strekten we onze nek.

 

Geef me een like en ik blijf schrijven, geef me geen like en ik blijf ook schrijven ;-).  Likes zijn volledig anoniem :-).

6 thoughts on “Nepeta

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.