Paranoia

‘n verhaaltje van nog niet zo lang geleden

Onderstaand verhaal illustreert – wat mij betreft – op sublieme wijze het fragmentarisch waarnemen dat typisch is voor personen met autisme (maar niet alle!), waardoor zij vaak moeite hebben om een zinvol en logisch totaalbeeld op te bouwen (dit heet zwakke centrale coherentie). Anders gezegd, wordt de binnenkomende informatie in deeltjes en niet in de context verwerkt. Dit kan al eens tot vreemde situaties lijden.

Hier is iemand geweest! Ik schrok me een hoedje. Vanuit mijn onderbewustzijn kropen enkele paranoïde gedachten naar boven…

Watson en ik waren volop bezig aan het verhuizen en geen haar op ons gierig hoofd dat eraan dacht om onze geliefde spullen in handen van een verhuisfirma over te laten. Wat je zelf doet, doe je beter, niet? En vooral goedkoper dus. Zodoende reden we hoogst persoonlijk en geheel gratis – de benzine buiten beschouwing gelaten – af en aan met onze eigen wagens, volgestouwd van dashboard tot hoedenplank en van bodem tot dak.

De toegangsweg naast onze nieuwe stek bleek erg dienstig te zijn om met de tuinspullen meteen naar het gerieflijke, houten tuinhuis te rijden, zowat vijftig meter rechtdoor over het gazon (dat voornamelijk uit mos bestond, maar gazon klinkt chiquer, toch?). Hier laadde ik de spullen over en gaf ze ’n voorlopig plekje tussen de spinnenwebben, waarna ik rechtsomkeer maakte om de volgende vracht op te pikken.

De tweede keer bleek mijn lading te zwaar te zijn om alleen te verkassen – Watson was nog onderweg – en ik liet de auto aan het tuinhuis staan, waarop ik te voet naar de woning stapte.

Maar hé, wat zag ik daar? Bandensporen op het gras! Verdomme, hier is iemand geweest! De bandensporen bleken vanaf de oprit tot aan het tuinhuis te lopen, wat me verbaasde. Tenslotte viel daar nog niets te rapen, tenzij je een handvol klinkers, een zak zeewierkalk en wat aarden potten de moeite vond om te verpatsen natuurlijk. Ik vloekte nogmaals. Het is toch wel godgeklaagd tegenwoordig. Een mens mag zijn gat niet meer keren of ze rijden ongegeneerd over uw mos (pardon, gazon) tot achterin de tuin. Het huis had vrij lang leeggestaan en ik vroeg me af hoeveel ongewenste gasten reeds eerder op verkenning waren geweest. Nochtans had ik voordien nog geen vreemde bandensporen gezien.

Terwijl ik vloekend en morrend over de sporen verderstapte en mijn brein op volle ‘whodunit’ toeren draaide, viel ten langen leste mijn frank. Idunit! Kalf! Kieken! Ge waart het zelf!

Ik keek schichtig naar links en rechts en naar voor en achter (oh, paranoia!) om me ervan te vergewissen dat de buren mijn vreemde observatiegedrag niet hadden opgemerkt. Gelukkig was er niemand te zien. Of niemand meer te zien (paranoia!).

Ik stapte haastig verder zodat ik dit genante momentje – het zoveelste – binnenshuis en zonder mogelijke pottenkijkers kon verwerken.

Enkele dagen later had ik weer een lading zware tuinspullen bij. Ik parkeerde de wagen aan het tuinhuis en stapte naar onze nieuwe woonst. Hé? Bandensporen? Verdomme, hier is iemand geweest!

Eerlijk, dit gelooft toch geen kat?  Welkom in mijn wereld!

 

Geef me een like en ik blijf schrijven, geef me geen like en ik blijf ook schrijven ;-).  Likes zijn volledig anoniem :-).

2 thoughts on “Paranoia

  1. Dennis says:

    Ik herken dit heel goed! Ikzelf heb het gevoel dat dit niet voortkomt uit zwakke centrale coherentie, maar wel een gevolg is van een constante stress.

    Ik vergelijk het met Vietnam veteranen die maandenlang in de jungle op high alert hebben gelopen. Die vertonen ook dit gedrag (PTSD is dat eigenlijk).

    Personen met autisme die zich continu hebben aangepast krijgen ook PTSD in mijn ogen. Altijd op high alert om te kunnen reageren op de mensen rondom, altijd aandachtig voor tekenen van een volgende mogelijke interactie met de eeuwig opdringerige NT’ers.

    Je beschrijft dit trouwens zelf: je spiedt rond of buren je opgemerkt hebben. Net als de soldaat in de jungle. 🙂

    Een meer stresserende situatie zorgt dan voor “triggers” die een hele gedachtenstroom op gang brengen. Paranoia is één van de typische kenmerken hierin.

    Het goede nieuws is dat het af te leren valt aangezien het niet tot autisme behoort. Het is eerder neurotisch gedrag omdat je slim en gevoelig bent. Op dat vlak heb ik het “botte type” personen met autisme altijd wel wat benijd! 😅

    • Miss Mockingbird says:

      Er zit zeker een logica in wat je schrijft, met name het stuk waarin je zegt dat ik slim en gevoelig ben, klopt als een bus 😆 😆 😆 😆 .

      Ik heb het stukje bewust Paranoia genoemd, omdat NT’ers dit gedrag als dusdanig zouden bestempelen (denk ik). Ik begrijp wat je wil zeggen over PTSD, en het is waar dat ik meer last had van bijhorend gedrag toen ik nog in volle stress/angst leefde. Vandaag de dag schiet daar gelukkig nog maar een fractie van over.

      Betreft het verhaal van de bandensporen bekijk ik het als volgt: als je brein geen link kan leggen met de bandensporen en je eigen handeling, dan is het logisch om te redeneren dat er iemand geweest is. Tot zover alles goed. Het feit dat ik er dan een heel scenario begin aan te breien, ruikt inderdaad naar iets paranoiaans. Zolang dit gedrag niet uit de pan begint te swingen, maak ik me geen zorgen 😉 . Het niet kunnen koppelen van iets wat ik zie (sporen) aan eigen gedrag (met wagen over gazon gereden), komt wel tamelijk vaak voor bij mij. Om die reden beschouw ik het dan ook eerder te wijten aan mijn autisme, omdat dit probleem ook heel sterk naar voor kwam tijdens de testen.

      Het bespieden had dan weer te maken met een gevoel van schaamte. Maar ook dat verbetert met de jaren. Nu stort ik me gewoon schaamteloos op mijn blog! Of toch quasi schaamteloos 😎 .

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.